Samenvatting CAO timmerindustrie 2025 - 2027
Dit is de samenvatting van de CAO Timmerindustrie 2025-2027.
Stamgegevens
Kerncijfers CAO Timmerindustrie 2025-2027
| Looptijd | 1 maart 2025 t/m 28 februari 2027. |
| Cao-partijen | NBVT (werkgevers) en FNV en CNV (werknemers). |
| Loonsverhoging | 3,75% per 1 juli 2025, 2% per 1 januari 2026 en 1,75% per 1 juli 2026 (totaal 7,5% over de looptijd). Daarnaast een eenmalige uitkering van € 750,- bruto per 1 juli 2025, naar rato van het parttimepercentage (art. 3.2.1). |
| Vakantiedagen | 32 vakantiedagen per jaar (18 jaar en ouder) bij een normale arbeidsduur van 37,5 uur per week, waarvan 20 wettelijk en 12 bovenwettelijk; naar rato bij deeltijd (art. 4.1.1 en tabel 4.1.6). |
| Vakantietoeslag | 8,33% van het individueel afgesproken loon, uitbetaald in mei over de 12 maanden voorafgaand aan 1 mei (art. 3.4.13). |
| Overwerkvergoeding | 50% toeslag tussen maandag 05.00 uur en zaterdag 21.00 uur, 100% tussen zaterdag 21.00 uur en maandag 05.00 uur en op Koningsdag/Hemelvaartsdag, 200% op beide paas-, pinkster- en kerstdagen; vergoeding in tijd (1 uur vrije tijd plus de toeslag in geld) of in geld, naar keuze van de werknemer (art. 2.5.1). |
| Reiskostenvergoeding | Woon-werkverkeer: bij openbaar vervoer de feitelijke kosten; bij een ander vervoermiddel € 1,00 per gewerkte dag tot 5 km, en € 0,23 per kilometer (heen- en terugreis) van 5 t/m 50 km enkele reis (art. 3.4.7). Voor werk-werkverkeer gelden aparte bedragen per vervoermiddel (art. 3.4.6). |
| Doorbetaling bij ziekte | 100% van het individueel afgesproken loon in het eerste ziektejaar, 70% in het tweede ziektejaar (art. 8.1.1). |
| Dertiende maand / eindejaarsuitkering | Deze cao kent geen dertiende maand of eindejaarsuitkering. Wel is voor 1 juli 2025 een eenmalige uitkering van € 750,- bruto afgesproken (art. 3.2.1). |
| Thuiswerkvergoeding | € 2,40 netto per thuisgewerkte dag (per 1 maart 2025), automatisch gekoppeld aan het fiscaal maximum (art. 3.4.12). |
| Pensioenfonds | Bedrijfstakpensioenfonds voor de Bouwnijverheid (bpfBOUW). Premie ouderdoms- en nabestaandenpensioen 2025: 25,73% van de pensioengrondslag, waarvan de werkgever 17,8136% en de werknemer 7,9164% betaalt (art. 3.6.1-3.6.2). |
| Opzegtermijn werkgever | 1 maand bij een dienstverband korter dan 5 jaar, 2 maanden bij 5 tot 10 jaar, 3 maanden bij 10 tot 15 jaar, 4 maanden bij 15 jaar of langer (tabel 1.5.1). |
| Opzegtermijn werknemer | 1 maand, ongeacht de duur van het dienstverband (tabel 1.5.1). |
Salarisverhogingen
- Per 1 juli 2025 wordt het loon met 3,75% verhoogd.
- Op 1 juli 2025 ontvangt de werknemer een eenmalige uitkering van € 750,- bruto, naar rato van het parttimepercentage; dit geldt ook voor uitzendkrachten.
- Per 1 januari 2026 wordt het loon met 2,0% verhoogd.
- Per 1 juli 2026 wordt het loon met 1,75% verhoogd.
- In totaal stijgen de lonen tijdens deze cao-periode met 7,5%.
- Voor de functiegroepen G t/m I geldt een uitzondering: komt een algemene loonsverhoging boven het niveau van de prijscompensatie uit, dan mag de werkgever het deel boven de prijscompensatie achterwege laten als het loon van de werknemer boven het maximum pensioengevend loon ligt, of meer dan 35% boven zijn garantieloon (art. 3.2.1).
Vakantiedagen
- Bij een normale arbeidsduur van 37,5 uur per week: 32 vakantiedagen per jaar voor werknemers van 18 jaar en ouder (20 wettelijk + 12 bovenwettelijk), 36 dagen voor werknemers jonger dan 18 jaar (tabel 4.1.6).
- Bij een structureel langere werkweek (bijv. 40 uur) komt daar roostervrije tijd bij; bij een kortere werkweek (bijv. 36 uur) is er geen roostervrije tijd (tabel 4.1.6).
- De werknemer heeft recht op een aaneengesloten zomervakantie van 3 weken (art. 4.1.3).
- Bij ziekte loopt de opbouw van vakantiedagen door; ziek op een vastgestelde vakantiedag geeft recht op een andere vakantiedag (art. 4.1.4).
- Niet-opgenomen vakantiedagen (wettelijk en bovenwettelijk) vervallen 5 jaar na afloop van het opbouwjaar (art. 4.1.5).
Overwerkvergoeding
- Overwerk is: op verzoek van de werkgever meer uren werken dan de voor de onderneming vastgestelde arbeidsduur (art. 2.5.1a).
- Vergoeding per overuur: in vrije tijd (1 uur vrije tijd plus de toeslag in geld) of in geld (1 uur individueel afgesproken loon plus de toeslag), naar keuze van de werknemer, tot een maximum van 70 overuren per kalenderjaar (art. 2.5.1b).
- 50% toeslag voor overwerk tussen maandag 05.00 uur en zaterdag 21.00 uur.
- 100% toeslag voor overwerk tussen zaterdag 21.00 uur en maandag 05.00 uur, en op Koningsdag en Hemelvaartsdag.
- 200% toeslag voor overwerk op beide paas-, pinkster- en kerstdagen.
- De werknemer is niet verplicht over te werken; werknemers jonger dan 18 jaar mogen niet overwerken; structureel overwerk is niet toegestaan (art. 2.5.1c).
Reiskostenvergoeding
De reiskostenvergoeding woon-werkverkeer is geregeld in artikel 3.4.7 van de cao.
| Vervoermiddel | Afstand enkele reis | Vergoeding |
|---|---|---|
| Openbaar vervoer | De feitelijke kosten (trein: 2e klas) | |
| Ander vervoermiddel | 0 tot 5 km | € 1,00 per gewerkte dag |
| Ander vervoermiddel | 5 t/m 50 km | € 0,23 per kilometer (heen- en terugreis) |
Bij een ander vervoermiddel dan openbaar vervoer geldt de vergoeding voor maximaal 50 km enkele reis; als reisafstand geldt de kortste route volgens de ANWB-routeplanner. De vergoeding is netto, voor zover fiscaal toegestaan, en wordt automatisch gekoppeld aan het fiscale maximum. Voor werk-werkverkeer (reizen tijdens het werk) gelden aparte, lagere bedragen per vervoermiddel: fiets € 0,06, bromfiets € 0,13, motor en auto € 0,47 per kilometer, en 100% bij openbaar vervoer (2e klas) (art. 3.4.6).
Doorbetaling bij ziekte
- Eerste ziektejaar: 100% van het individueel afgesproken loon (art. 8.1.1a).
- Tweede ziektejaar: 70% van het individueel afgesproken loon (art. 8.1.1a).
- Bij meer dan twee ziekmeldingen per kalenderjaar mag de werkgever de eerste ziektedag bij een volgende melding als onbetaalde wachtdag aanmerken (art. 8.1.2a).
- Bij levensbedreigende of terminale ziekte, of bij een bedrijfsongeval: 100% in zowel het eerste als het tweede ziektejaar, zonder wachtdagen (art. 8.1.2b).
- Bij re-integratie binnen 2 jaar: 100% van het loon over ieder gewerkt uur, ook als in de nieuwe functie een lager loon geldt (art. 8.1.2c).
Dertiende maand / eindejaarsuitkering
Deze cao kent geen dertiende maand of eindejaarsuitkering.
Wel is voor deze cao-periode een eenmalige uitkering afgesproken: op 1 juli 2025 ontvangt de werknemer € 750,- bruto, naar rato van het parttimepercentage. Dit geldt ook voor uitzendkrachten (art. 3.2.1, tabel 3.2.1).
Thuiswerkvergoeding
De werkgever en de werknemer spreken samen af of en hoe de functie thuis kan worden uitgeoefend. Per thuisgewerkte dag betaalt de werkgever een thuiswerkvergoeding van € 2,40 netto (met ingang van 1 maart 2025), automatisch gekoppeld aan het fiscaal maximum (art. 3.4.12).
Pensioenfonds
- Pensioenfonds: Stichting Bedrijfstakpensioenfonds voor de Bouwnijverheid (bpfBOUW). Deelname aan de pensioenregeling voor de Timmerindustrie is verplicht (art. 3.6.1).
- Premie ouderdoms- en nabestaandenpensioen 2025: 25,73% van de pensioengrondslag, waarvan de werkgever 17,8136% en de werknemer 7,9164% betaalt (tabel 3.6.2a).
- Premie arbeidsongeschiktheidspensioen 2025: 0,20% van de pensioengrondslag, waarvan de werkgever 0,13% en de werknemer 0,07% betaalt (tabel 3.6.2a).
- Pensioengrondslag = pensioengevend loon (individueel afgesproken loon plus 8,33% vakantietoeslag) minus de franchise. Maximum pensioengevend loon 2025: € 69.441,55; franchise 2025: € 17.545,00 (art. 3.6.2c).
- De pensioenregeling van bpfBOUW gaat naar verwachting per 1 januari 2026 over naar het nieuwe pensioenstelsel (art. 3.6.3).
Opzegtermijn
- Dienstverband korter dan 5 jaar: 1 maand opzegtermijn voor werkgever en werknemer.
- Dienstverband 5 tot 10 jaar: 2 maanden voor de werkgever, 1 maand voor de werknemer.
- Dienstverband 10 tot 15 jaar: 3 maanden voor de werkgever, 1 maand voor de werknemer.
- Dienstverband van 15 jaar of langer: 4 maanden voor de werkgever, 1 maand voor de werknemer (tabel 1.5.1).
- De opzegtermijn is nooit korter dan één betalingsperiode en het einde van de opzegtermijn valt samen met het einde van een betalingsperiode (art. 1.5.1a-b).
- Werkgever en werknemer kunnen een langere opzegtermijn voor de werknemer afspreken (max. zes betalingsperioden); de werkgeverstermijn is dan tweemaal zo lang (art. 1.5.1d).
Salaristabel CAO Timmerindustrie 2025-2027
Hieronder staan de garantielonen per maand en per vier weken (art. 3.1), met de bedragen per ervaringstrede binnen de loonschalen A t/m I voor werknemers van 21 jaar en ouder, plus de aparte jeugdtreden (16 t/m 20 jaar) voor werknemers zonder vakopleiding en tijdens een BBL-opleiding. Het boekje bevat de garantielonen per 1 juli 2025 en per 1 januari 2026; de tabel met de loonsverhoging van 1 juli 2026 wordt te zijner tijd gepubliceerd op www.sswt.nl.
Garantieloon per maand - 1 juli 2025
Garantielonen vanaf 1 juli 2025
| Trede | A | B | C | D | E | F | G | H | I |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 12 | 5.678,14 | ||||||||
| 11 | 3.750,66 | 4.292,39 | 4.781,12 | 5.168,12 | 5.596,95 | ||||
| 10 | 3.682,08 | 4.215,99 | 4.705,10 | 5.091,37 | 5.515,73 | ||||
| 9 | 3.296,80 | 3.613,49 | 4.139,57 | 4.629,15 | 5.014,63 | 5.434,53 | |||
| 8 | 3.233,96 | 3.544,91 | 4.063,12 | 4.553,14 | 4.937,96 | 5.353,28 | |||
| 7 | 2.667,04 | 2.928,11 | 3.171,08 | 3.476,39 | 3.986,72 | 4.477,12 | 4.861,27 | 5.272,15 | |
| 6 | 2.621,97 | 2.867,39 | 3.108,19 | 3.407,79 | 3.910,32 | 4.401,08 | 4.784,59 | 5.190,90 | |
| 5 | 2.576,84 | 2.806,71 | 3.045,28 | 3.339,25 | 3.833,84 | 4.325,07 | 4.707,83 | 5.109,77 | |
| 4 | 2.531,79 | 2.745,98 | 2.982,41 | 3.270,71 | 3.757,48 | 4.249,05 | 4.631,14 | 5.028,54 | |
| 3 | 2.486,69 | 2.685,35 | 2.919,48 | 3.202,10 | 3.681,02 | 4.173,02 | 4.554,46 | 4.947,36 | |
| 2 | 2.624,59 | 2.856,60 | 3.133,55 | 3.604,57 | 4.096,97 | 4.477,77 | 4.866,16 | ||
| 1 | 2.563,89 | 2.793,71 | 3.064,98 | 3.528,16 | 4.020,96 | 4.401,08 | 4.784,98 | ||
| 0 / vanaf 21 jr | 2.503,19 | 2.730,83 | 2.996,46 | 3.451,73 | 3.944,96 | 4.324,37 | 4.703,73 |
Jeugdtreden zonder vakopleiding
| Leeftijd | A | B | C | D |
|---|---|---|---|---|
| 20 | 2.184,25 | 2.306,64 | 2.467,62 | 2.709,15 |
| 19 | 1.933,11 | 2.040,46 | 2.181,78 | 2.393,70 |
| 18 | 1.674,05 | 1.765,99 | 1.886,96 | 2.068,37 |
| 17 | 1.420,28 | 1.497,04 | 1.598,13 | 1.749,66 |
| 16 | 1.224,05 | 1.289,15 | 1.374,77 | 1.503,26 |
Jeugdtreden tijdens vakopleiding BBL
| Leeftijd | Tijdens opleiding niveau 1 | Tijdens opleiding niveau 2 | Met diploma niveau 2 of tijdens opleiding niveau 3 |
|---|---|---|---|
| 20 | 2.240,42 | 2.296,01 | 2.709,15 |
| 19 | 1.982,69 | 2.028,20 | 2.480,51 |
| 18 | 1.719,92 | 1.760,35 | 2.210,10 |
| 17 | 1.454,62 | 1.484,91 | 1.954,91 |
| 16 | 1.252,45 | 1.290,34 |
Garantieloon per maand - 1 januari 2026
Garantielonen vanaf 1 januari 2026
| Trede | A | B | C | D | E | F | G | H | I |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 12 | 5.791,70 | ||||||||
| 11 | 3.825,67 | 4.378,24 | 4.876,74 | 5.271,48 | 5.708,89 | ||||
| 10 | 3.755,72 | 4.300,31 | 4.799,20 | 5.193,20 | 5.626,04 | ||||
| 9 | 3.362,74 | 3.685,76 | 4.222,36 | 4.721,73 | 5.114,92 | 5.543,22 | |||
| 8 | 3.298,64 | 3.615,81 | 4.144,38 | 4.644,20 | 5.036,72 | 5.460,35 | |||
| 7 | 2.720,38 | 2.986,67 | 3.234,50 | 3.545,92 | 4.066,45 | 4.566,66 | 4.958,50 | 5.377,59 | |
| 6 | 2.674,41 | 2.924,74 | 3.170,35 | 3.475,95 | 3.988,53 | 4.489,10 | 4.880,28 | 5.294,72 | |
| 5 | 2.628,38 | 2.862,84 | 3.106,19 | 3.406,04 | 3.910,52 | 4.411,57 | 4.801,99 | 5.211,97 | |
| 4 | 2.582,43 | 2.800,90 | 3.042,06 | 3.336,12 | 3.832,63 | 4.334,03 | 4.723,76 | 5.129,11 | |
| 3 | 2.536,42 | 2.739,06 | 2.977,87 | 3.266,14 | 3.754,64 | 4.256,48 | 4.645,55 | 5.046,31 | |
| 2 | 2.677,08 | 2.913,73 | 3.196,22 | 3.676,66 | 4.178,91 | 4.567,33 | 4.963,48 | ||
| 1 | 2.615,17 | 2.849,58 | 3.126,28 | 3.598,72 | 4.101,38 | 4.489,10 | 4.880,68 | ||
| 0 / vanaf 21 jr | 2.553,25 | 2.785,45 | 3.056,39 | 3.520,76 | 4.023,86 | 4.410,86 | 4.797,80 |
Jeugdtreden zonder vakopleiding
| Leeftijd | A | B | C | D |
|---|---|---|---|---|
| 20 | 2.227,94 | 2.352,77 | 2.516,97 | 2.763,33 |
| 19 | 1.971,77 | 2.081,27 | 2.225,42 | 2.441,57 |
| 18 | 1.707,53 | 1.801,31 | 1.924,70 | 2.109,74 |
| 17 | 1.448,69 | 1.526,98 | 1.630,09 | 1.784,65 |
| 16 | 1.248,53 | 1.314,93 | 1.402,27 | 1.533,33 |
Jeugdtreden tijdens vakopleiding BBL
| Leeftijd | Tijdens opleiding niveau 1 | Tijdens opleiding niveau 2 | Met diploma niveau 2 of tijdens opleiding niveau 3 |
|---|---|---|---|
| 20 | 2.285,23 | 2.341,93 | 2.763,33 |
| 19 | 2.022,34 | 2.068,76 | 2.530,12 |
| 18 | 1.754,32 | 1.795,56 | 2.254,30 |
| 17 | 1.483,71 | 1.514,61 | 1.994,01 |
| 16 | 1.277,50 | 1.316,15 |
Garantieloon per 4 weken - 1 juli 2025
Garantielonen vanaf 1 juli 2025
| Trede | A | B | C | D | E | F | G | H | I |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 12 | 5.241,36 | ||||||||
| 11 | 3.462,15 | 3.962,21 | 4.413,34 | 4.770,57 | 5.166,42 | ||||
| 10 | 3.398,84 | 3.891,68 | 4.343,17 | 4.699,73 | 5.091,44 | ||||
| 9 | 3.043,20 | 3.335,53 | 3.821,14 | 4.273,06 | 4.628,89 | 5.016,49 | |||
| 8 | 2.985,19 | 3.272,22 | 3.750,57 | 4.202,90 | 4.558,12 | 4.941,49 | |||
| 7 | 2.461,88 | 2.702,87 | 2.927,15 | 3.208,98 | 3.680,05 | 4.132,73 | 4.487,33 | 4.866,60 | |
| 6 | 2.420,28 | 2.646,82 | 2.869,10 | 3.145,65 | 3.609,53 | 4.062,54 | 4.416,54 | 4.791,60 | |
| 5 | 2.378,62 | 2.590,81 | 2.811,03 | 3.082,38 | 3.538,93 | 3.992,37 | 4.345,69 | 4.716,71 | |
| 4 | 2.337,04 | 2.534,75 | 2.752,99 | 3.019,12 | 3.468,44 | 3.922,20 | 4.274,90 | 4.641,73 | |
| 3 | 2.295,41 | 2.478,78 | 2.694,90 | 2.955,78 | 3.397,86 | 3.852,02 | 4.204,12 | 4.566,79 | |
| 2 | 2.422,70 | 2.636,86 | 2.892,51 | 3.327,30 | 3.781,82 | 4.133,33 | 4.491,84 | ||
| 1 | 2.366,67 | 2.578,81 | 2.829,21 | 3.256,76 | 3.711,66 | 4.062,54 | 4.416,90 | ||
| 0 / vanaf 21 jr | 2.310,64 | 2.520,77 | 2.765,96 | 3.186,21 | 3.641,50 | 3.991,73 | 4.341,90 |
Jeugdtreden zonder vakopleiding
| Leeftijd | A | B | C | D |
|---|---|---|---|---|
| 20 | 2.016,23 | 2.129,21 | 2.277,80 | 2.500,75 |
| 19 | 1.784,41 | 1.883,50 | 2.013,95 | 2.209,57 |
| 18 | 1.545,28 | 1.630,14 | 1.741,81 | 1.909,26 |
| 17 | 1.311,03 | 1.381,88 | 1.475,20 | 1.615,07 |
| 16 | 1.129,89 | 1.189,98 | 1.269,02 | 1.387,62 |
Jeugdtreden tijdens vakopleiding BBL
| Leeftijd | Tijdens opleiding niveau 1 | Tijdens opleiding niveau 2 | Met diploma niveau 2 of tijdens opleiding niveau 3 |
|---|---|---|---|
| 20 | 2.068,08 | 2.119,39 | 2.500,75 |
| 19 | 1.830,18 | 1.872,18 | 2.289,70 |
| 18 | 1.587,62 | 1.624,94 | 2.040,09 |
| 17 | 1.342,73 | 1.370,69 | 1.804,53 |
| 16 | 1.156,11 | 1.191,08 |
Garantieloon per 4 weken - 1 januari 2026
Garantielonen vanaf 1 januari 2026
| Trede | A | B | C | D | E | F | G | H | I |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 12 | 5.346,18 | ||||||||
| 11 | 3.531,39 | 4.041,45 | 4.501,61 | 4.865,98 | 5.269,74 | ||||
| 10 | 3.466,82 | 3.969,52 | 4.430,03 | 4.793,72 | 5.193,27 | ||||
| 9 | 3.104,07 | 3.402,24 | 3.897,56 | 4.358,52 | 4.721,46 | 5.116,82 | |||
| 8 | 3.044,90 | 3.337,67 | 3.825,58 | 4.286,95 | 4.649,28 | 5.040,32 | |||
| 7 | 2.511,12 | 2.756,93 | 2.985,69 | 3.273,16 | 3.753,65 | 4.215,38 | 4.577,08 | 4.963,93 | |
| 6 | 2.468,69 | 2.699,76 | 2.926,48 | 3.208,57 | 3.681,72 | 4.143,78 | 4.504,87 | 4.887,43 | |
| 5 | 2.426,20 | 2.642,62 | 2.867,25 | 3.144,04 | 3.609,71 | 4.072,22 | 4.432,61 | 4.811,05 | |
| 4 | 2.383,78 | 2.585,45 | 2.808,06 | 3.079,50 | 3.537,81 | 4.000,64 | 4.360,39 | 4.734,56 | |
| 3 | 2.341,31 | 2.528,36 | 2.748,80 | 3.014,90 | 3.465,82 | 3.929,06 | 4.288,20 | 4.658,13 | |
| 2 | 2.471,15 | 2.689,60 | 2.950,36 | 3.393,84 | 3.857,46 | 4.216,00 | 4.581,67 | ||
| 1 | 2.414,00 | 2.630,38 | 2.885,80 | 3.321,90 | 3.785,89 | 4.143,78 | 4.505,24 | ||
| 0 / vanaf 21 jr | 2.356,85 | 2.571,18 | 2.821,28 | 3.249,93 | 3.714,33 | 4.071,56 | 4.428,74 |
Jeugdtreden zonder vakopleiding
| Leeftijd | A | B | C | D |
|---|---|---|---|---|
| 20 | 2.056,56 | 2.171,79 | 2.323,36 | 2.550,77 |
| 19 | 1.820,10 | 1.921,17 | 2.054,23 | 2.253,76 |
| 18 | 1.576,18 | 1.662,75 | 1.776,65 | 1.947,45 |
| 17 | 1.337,25 | 1.409,52 | 1.504,70 | 1.647,37 |
| 16 | 1.152,49 | 1.213,78 | 1.294,40 | 1.415,38 |
Jeugdtreden tijdens vakopleiding BBL
| Leeftijd | Tijdens opleiding niveau 1 | Tijdens opleiding niveau 2 | Met diploma niveau 2 of tijdens opleiding niveau 3 |
|---|---|---|---|
| 20 | 2.109,44 | 2.161,78 | 2.550,77 |
| 19 | 1.866,78 | 1.909,62 | 2.335,50 |
| 18 | 1.619,37 | 1.657,44 | 2.080,89 |
| 17 | 1.369,58 | 1.398,10 | 1.840,62 |
| 16 | 1.179,23 | 1.214,91 |
Naar de pagina van de CAO Timmerindustrie
Deze samenvatting en salaristabel zijn met zorg samengesteld op basis van de officiële cao-tekst. Raadpleeg bij twijfel, of voordat u deze informatie toepast op een individuele situatie, altijd het volledige cao-boekje. Aan deze pagina kunnen geen rechten worden ontleend; bij verschillen tussen deze samenvatting en de cao-tekst is de cao-tekst te allen tijde leidend. Ondanks de zorgvuldigheid waarmee deze informatie is overgenomen, kunnen type- of overnamefouten niet volledig worden uitgesloten.
