Samenvatting CAO houtverwerkende industrie 2025 - 2026
Dit is de samenvatting van de cao Houtverwerkende industrie 2025-2026.
Stamgegevens
| Cao-partijen | Werkgeverszijde: Dutch Manufacturing Association (Dutch-Man), Nederlandse Emballage- en Palletindustrie Vereniging, Nederlandse Vereniging van Klompenfabrikanten. Werknemerszijde: FNV, CNV |
| Looptijd | 1 juli 2025 t/m 31 december 2026 |
| Loonsverhoging | per 1 oktober 2025: € 75,- bruto per maand (deeltijders naar rato), gevolgd door 4% structureel |
| Eenmalige uitkering | De cao regelt voorwaarden voor een eenmalige uitkering (art. 4.1.6), maar noemt in dit boekje geen concreet percentage of bedrag |
| Vakantiedagen | 25 dagen (18 jaar en ouder), oplopend met leeftijd (56+) en diensttijd (25 jaar in dienst: +2 dagen) |
| Vakantietoeslag | 8% van het feitelijk loon, jaarlijks uitbetaald vóór 1 juni |
| Overwerkvergoeding | 25% t/m 125% toeslag op het feitelijk uurloon, afhankelijk van dag en tijdstip (zie tabblad) |
| Reiskostenvergoeding | Woon-werkverkeer vanaf 6,0 km enkele reis: € 0,23 per km (tot 40,0 km) of 100% OV-vergoeding |
| Opzegtermijn werkgever | 1 tot 4 maanden, afhankelijk van diensttijd (zie tabblad) |
| Opzegtermijn werknemer | 1 maand |
Salarisverhogingen
- per 1 oktober 2025: € 75,- bruto per maand (voor deeltijders naar rato)
- per 1 oktober 2025: aansluitend 4% structureel
- Beide verhogingen zijn al verwerkt in de loontabel (tabblad Salaristabel).
- De werknemer die meer dan € 47.000,- bruto (exclusief toeslagen) per jaar verdient, heeft recht op de helft van deze verhogingen, berekend over zijn feitelijke beloning.
- De cao regelt daarnaast voorwaarden voor een eenmalige uitkering (art. 4.1.6, o.a. minimaal 3 maanden in dienst voorafgaand aan de uitkeringsmaand), maar noemt in dit boekje geen concreet percentage of bedrag.
Vakantiedagen
Standaard aantal vakantiedagen per jaar (voltijd, hele kalenderjaar in dienst), art. 3.1.1:
| Leeftijd | Wettelijk | Bovenwettelijk | Totaal |
|---|---|---|---|
| T/m 17 jaar | 20 dagen | 10 dagen* | 30 dagen |
| 18 jaar en ouder | 20 dagen | 5 dagen | 25 dagen |
* Vijf van de tien bovenwettelijke dagen voor werknemers t/m 17 jaar gelden alleen als de werknemer het hele voorgaande kalenderjaar bij dezelfde werkgever in dienst was.
- Werknemer 25 jaar onafgebroken in dienst: 2 bovenwettelijke dagen extra per jaar.
- Werknemer 56 jaar of ouder: extra bovenwettelijke dagen volgens onderstaande tabel (art. 3.1.2).
| Leeftijd | Extra bovenwettelijke dagen per jaar |
|---|---|
| 56 jaar | 2 dagen |
| 57 jaar | 3 dagen |
| 58 jaar | 4 dagen |
| 59 jaar | 5 dagen |
| 60 jaar en ouder | 6 dagen |
Overwerkvergoeding
Overwerktoeslag op het feitelijk uurloon (art. 2.4.5):
| Soort dag / uren | Toeslag op het feitelijk uurloon |
|---|---|
| Ma t/m vr: 1e en 2e overuur aansluitend op de gewone werktijd | 25% |
| Ma t/m vr: overige overuren | 50% |
| Zaterdag: alle overuren | 50% |
| Zondag: alle gewerkte uren | 100% |
| Feestdag (ongeacht weekdag): alle gewerkte uren | 125% |
Bij samenloop van twee soorten dagen (bijvoorbeeld een feestdag op maandag) geldt alleen de hoogste toeslag. De werknemer kan overwerk laten uitbetalen of compenseren in vrije tijd (binnen 60 dagen op te nemen).
Daarnaast gelden losse toeslagen voor ploegendienst en nachtdienst (art. 2.5.1 en 2.6.1):
| Regeling | Uren | Toeslag |
|---|---|---|
| Ploegendienst (2- of 3-ploegen) | 05.00 - 23.00 uur | 15% |
| Ploegendienst (2- of 3-ploegen) | 23.00 - 05.00 uur | 30% |
| Nachtdienst (bijzondere omstandigheden, geen overwerk) | 20.00 - 07.00 uur | 30% |
Reiskostenvergoeding
Reiskostenvergoeding woon-werkverkeer (art. 4.4.6), voor gewerkte dagen met een reisafstand van 6 km of meer enkele reis:
| Vervoermiddel | Reisafstand per dag (enkele reis) | Vergoeding |
|---|---|---|
| Openbaar vervoer | 6 km of meer | 100% (trein: 2e klasse) |
| Ander vervoermiddel | 6,0 t/m 40,0 km | € 0,23 per km |
De reisafstand wordt berekend via Google Maps op basis van de kortste route. Boven de 40,0 km enkele reis wordt geen aanvullende vergoeding meer opgebouwd. Voor karweiwerk buiten de eigen standplaats gelden aparte regels voor reis-, verblijf- en reisurenvergoeding (art. 4.4.5), los van deze woon-werkvergoeding.
Opzegtermijn
Opzegtermijnen bij een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd (art. 1.6.1):
| Duur dienstverband | Opzegtermijn werkgever | Opzegtermijn werknemer |
|---|---|---|
| Korter dan 5 jaar | 1 maand* | 1 maand |
| 5 tot 10 jaar | 2 maanden | 1 maand |
| 10 tot 15 jaar | 3 maanden | 1 maand |
| 15 jaar of langer | 4 maanden | 1 maand |
* Voor de werknemer van 45 jaar en ouder die de AOW-leeftijd nog niet heeft bereikt, geldt voor de werkgever bij minder dan 5 dienstjaren een opzegtermijn van 2 maanden in plaats van 1 maand. Bij een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd geldt geen opzegtermijn; wel een wettelijke aanzegtermijn van 1 maand voor het einde van het contract.
Bron: cao-tekst CAO Houtverwerkende industrie, looptijd 1 juli 2025 t/m 31 december 2026 (artikelen 1.6.1, 2.4.5, 2.5.1, 2.6.1, 3.1.1, 3.1.2, 4.1.4, 4.1.6, 4.4.6, 4.4.7).
Salaristabel CAO Houtverwerkende industrie 2025-2026
De cao kent vijf functiegroepen (I t/m V) met bijbehorende loongroepen. Elke loonschaal begint op een instroomniveau en loopt door tot het normloon, met daarboven een uitloop van drie periodieken.
Cao-loon per 1 oktober 2025
Bruto cao-loon per uur, inclusief de verhoging van € 75,- bruto per maand en de verhoging van 4% (art. 4.1.5). De loontabel is op basis van een 40-urige werkweek, inclusief 124 uur roostervrije tijd.
| Loonniveau / periodiek | Loongroep I | Loongroep II | Loongroep III | Loongroep IV | Loongroep V |
|---|---|---|---|---|---|
| Uitloop, periodiek 3 | € 16,43 | € 16,53 | € 16,80 | € 17,24 | € 17,96 |
| Uitloop, periodiek 2 | € 16,18 | € 16,29 | € 16,52 | € 16,91 | € 17,71 |
| Uitloop, periodiek 1 | € 15,86 | € 16,00 | € 16,25 | € 16,67 | € 17,40 |
| Normloon | € 15,56 | € 15,69 | € 15,98 | € 16,38 | € 17,10 |
| Instroom, periodiek 5 | € 14,80 | € 15,07 | € 15,42 | € 16,14 |
De werknemer heeft ten minste recht op het wettelijk minimumuurloon; bij werknemers tot 21 jaar mag het wettelijk minimum(jeugd)loon worden gehanteerd. Instroomniveaus onder periodiek 5 (periodiek 4 t/m 0) kennen in deze cao geen ingevulde bedragen.
Omrekening: cao-weekloon = cao-uurloon × 40 (voltijd); cao-maandloon = cao-uurloon × 174. Jaarlijks op 1 januari en 1 juli wordt het wettelijk minimumloon geïndexeerd; bijgewerkte loontabellen worden dan gepubliceerd op www.houtverwerkendeindustrie.nl.
Bron: cao-tekst CAO Houtverwerkende industrie, looptijd 1 juli 2025 t/m 31 december 2026 (artikelen 4.1.3, 4.1.4, 4.1.5, 4.2.1).
Naar de pagina van de CAO Houtverwerkende industrie
Deze samenvatting en salaristabel zijn met zorg samengesteld op basis van de officiële cao-tekst. Raadpleeg bij twijfel, of voordat u deze informatie toepast op een individuele situatie, altijd het volledige cao-boekje. Aan deze pagina kunnen geen rechten worden ontleend; bij verschillen tussen deze samenvatting en de cao-tekst is de cao-tekst te allen tijde leidend. Ondanks de zorgvuldigheid waarmee deze informatie is overgenomen, kunnen type- of overnamefouten niet volledig worden uitgesloten.
