Samenvatting CAO gemaksvoedingsindustrie 2026 - 2027
De CAO gemaksvoedingsindustrie 2026 - 2027 heeft een looptijd van 1 juli 2026 t/m 30 september 2027. De lonen gaan omhoog met 3% per 1 juli 2026 en met 1% per 1 april 2027. Een eenmalige uitkering is niet afgesproken. Op deze pagina staan onder meer de nieuwe loondoorbetaling bij ziekte, vakantiedagen, overwerk, reiskosten, pensioen, de werkingssfeer en de salaristabellen.
Laatst gecontroleerd op 12 oktober 2026. Bron: CAO-tekst CAO gemaksvoedingsindustrie, looptijd 1 juli 2026 t/m 30 september 2027 (artikelen 1, 3 en 15 en de inleiding).
Stamgegevens
Stamgegevens CAO gemaksvoedingsindustrie 2026 - 2027
| Looptijd | 1 juli 2026 t/m 30 september 2027. Na afloop eindigt de CAO van rechtswege als er geen voortzetting is (art. 3). |
| CAO-partijen | Gemaksvoeding Nederland, FNV en CNV (CAO-akkoord van 20 juli 2026). |
| Loonsverhoging | 3% per 1 juli 2026 en 1% per 1 april 2027. Geen eenmalige uitkering (inleiding en bijlage B). |
| Vakantiedagen | 200 vakantie-uren per jaar (25 dagen van 8 uur), met extra uren voor jongeren onder 18 jaar en voor werknemers vanaf 47 jaar. Daarnaast 120 ATV-uren per jaar, behalve in de vijfploegendienst (art. 32 en 13). |
| Vakantietoeslag | 8% over het jaarsalaris, uitbetaald tussen 1 mei en 30 juni. Minimaal € 2.700 per 1 juli 2026 en € 2.727 per 1 april 2027 voor een voltijdwerker van 20 jaar of ouder (art. 28). |
| Overwerkvergoeding | Maandag t/m vrijdag loon + 40%, zaterdag loon + 80% (tot 12.00 uur) of + 100% (vanaf 12.00 uur), zondag loon + 100%. Tijd voor tijd is mogelijk (art. 21). |
| Reiskostenvergoeding | € 0,25 per kilometer voor woon-werkverkeer vanaf 10 km tot maximaal 20 km enkele reis. Vanaf 1 oktober 2027 weer € 0,23 per kilometer (art. 27). |
| Bijzonder verlof | 2 dagen bij eigen huwelijk, 1 dag per jaar bij verhuizing, bij overlijden van de partner of een inwonend kind vanaf de dag van overlijden t/m de begrafenis, bij bevalling van de partner eenmaal het aantal werkuren per week plus vijfmaal aanvullend geboorteverlof (art. 37). |
| Thuiswerkvergoeding | De CAO regelt geen thuiswerkvergoeding. |
| Doorbetaling bij ziekte | Bij ziekmelding vanaf 1 juli 2026: 100% in maand 1 t/m 3, 90% in maand 4 t/m 12 en 85% in maand 13 t/m 24. Bij ziekmelding vóór 1 juli 2026: 100% in maand 1 t/m 6 en 90% in maand 7 t/m 24 (art. 42). |
| Dertiende maand / eindejaarsuitkering | Geen dertiende maand. Wel een eindejaarsuitkering van 3% van het inkomen van de afgelopen 12 maanden (art. 29). |
| Pensioenfonds | Pensioenfonds VLEP (Stichting Bedrijfstakpensioenfonds voor Vlees, Vleeswaren, Gemaksvoeding en Pluimveevlees). De premieverdeling staat niet in de CAO (art. 40). |
| Opzegtermijn werkgever | 1 loonperiode bij minder dan 5 dienstjaren, 2 bij 5 tot 10 jaar, 3 bij 10 tot 15 jaar en 4 bij 15 jaar of langer (art. 7.2). |
| Opzegtermijn werknemer | Eén maand. Bij langere dienstverbanden 5 of 6 weken, afhankelijk van leeftijd en aantal dienstjaren (art. 7.2). |
| Werkingssfeer | Ondernemingen waarvan 5% of meer van de omzet komt uit het fabrieksmatig produceren van gemaksvoeding en/of uit groothandel in gemaksvoeding (art. 1.1). |
Salarisverhogingen
- 3% loonsverhoging per 1 juli 2026 en 1% per 1 april 2027 voor alle werknemers die onder de werkingssfeer van de CAO vallen (CAO-akkoord van 20 juli 2026, inleiding).
- Een eenmalige uitkering is niet afgesproken.
- Periodieke verhoging: op 1 januari van elk jaar gaat het loon een stap omhoog in de loonschaal, tot het maximum van de schaal. Wie het voorgaande jaar op 1 juli nog niet in dienst was, krijgt de periodiek nog niet. De verhoging is gekoppeld aan een beoordelingssysteem (bijlage J); zolang dat niet is ingevoerd, geldt een automatische periodiek (art. 15.5).
- Nieuw ORBA-functiehandboek: per 1 juli 2026 ingegaan. Werkgevers moeten uiterlijk 1 januari 2027 alle functies hebben ingedeeld. Bij een hogere indeling krijg je direct het loon dat het dichtst bij je huidige loon ligt (nooit lager). Bij een lagere indeling wordt het verschil omgezet in een persoonlijke toeslag die na 24 maanden vervalt (art. 17.3 en 18.5).
- Aanloopschaal: nieuwe werknemers en uitzendkrachten in functiegroep A kunnen maximaal 9 maanden worden ingedeeld in een aanloopschaal van 92% van het loon bij A0, maar minimaal het wettelijk minimumloon (art. 15.6 en bijlage B).
- Stagiaires (MBO, HBO en WO) krijgen een stagevergoeding van € 500 per maand (art. 16.2).
- Doelgroepmedewerkers (Participatiewet) beginnen op het wettelijk minimumloon en eindigen op maximaal 120% daarvan (art. 15.7 en bijlage B).
Vakantiedagen
- 200 vakantie-uren per jaar (omgerekend 25 dagen van 8 uur), met doorbetaling van het feitelijk loon. Het vakantiejaar is het kalenderjaar (art. 32.1).
- Extra vakantie-uren bij aanvang van het vakantiejaar naar leeftijd (art. 32.2): zie de tabel hieronder.
- Het is niet toegestaan om vooraf bij schriftelijke overeenkomst ziektedagen aan te merken als vakantiedagen (art. 32.3).
- Werk je korter dan een jaar, dan bouw je evenredig op. Tijdens zwangerschaps- en bevallingsverlof, verplichtingen van de overheid en onvrijwillige werkloosheid bouw je ook op. Bij ziekte bouw je de wettelijke vakantiedagen op en de bovenwettelijke alleen in de eerste zes maanden (art. 33).
- Kopen en verkopen: je mag per jaar maximaal 80 extra vakantie-uren kopen (één keer per jaar, opnemen binnen 12 maanden) en bovenwettelijke dagen verkopen. Een uur kost of levert 0,575% van het maandloon op (art. 34).
- Je hebt recht op minstens 2 weken aaneengesloten vakantie, en een derde week als je genoeg uren hebt. Dit zo mogelijk tussen 1 mei en 1 oktober. De ondernemingsraad kan per jaar maximaal 3 collectieve vakantiedagen aanwijzen (art. 35).
- ATV: 120 uur arbeidstijdverkorting per jaar, in blokken van vier uur. In de vijfploegendienst is er geen ATV. ATV-uren mag je geheel of gedeeltelijk inwisselen voor geld, tegen het geldende uurloon (art. 13).
- Generatiepact: vanaf 62 jaar, of vanaf 60 jaar met 10 jaar dienstverband, kies je uit 80-90-100, 90-100-100 of 100-100-100 (met 141,2 extra verlofuren per jaar) (art. 36).
- Bij einde dienstverband worden niet-opgenomen vakantiedagen uitbetaald (art. 39).
Extra vakantie-uren naar leeftijd
| Leeftijd | Extra vakantie-uren |
|---|---|
| Jonger dan 18 jaar op 1 mei van het kalenderjaar | 8 uur |
| 47 tot 52 jaar | 8 uur |
| 52 tot 57 jaar | 16 uur |
| 57 tot 60 jaar | 32 uur |
| 60 jaar tot AOW-gerechtigde leeftijd | 42 uur |
Overwerkvergoeding
- Overwerktoeslag: maandag t/m vrijdag 40%, zaterdag 80% of 100%, zondag 100% bovenop je loon (art. 21.1). Zie de tabel hieronder.
- Overwerk is er als je incidenteel, in opdracht van de werkgever, meer werkt dan de standaard arbeidsduur: meer dan 8 uur per dag (of meer dan in je rooster staat) met minimaal een kwartier extra dat niet in dezelfde week tegen min-uren wordt weggestreept, of meer dan de wekelijkse arbeidsduur (art. 2.11 en 21.1).
- Voor overuren krijg je alleen loon plus de overwerktoeslag; de klokurenmatrix (bijlage C) geldt niet bij overwerk. Toeslagen cumuleren niet, tenzij de CAO anders aangeeft (art. 31).
- Tijd voor tijd: de eerste twee overuren per week kun je opnemen als vrije tijd (binnen zes maanden, anders worden ze uitbetaald). Meer overuren kunnen op jouw verzoek ook vrij worden opgenomen, als de werkgever dat wil. De toeslag krijg je dan in tijd (art. 21.2).
- Extra reiskosten voor het overwerk worden vergoed volgens de reiskostenregeling van je werkgever (art. 21.1).
- Vanaf 57 jaar kun je niet worden verplicht over te werken (art. 10).
- Uitzendkrachten: de overwerktoeslag wordt berekend over het basisuurloon uit bijlage B, zonder ATV-compensatie (art. 21.2).
- Slaapurenregeling: overwerk in de periode van 10 tot 2 uur vóór je normale dagdienst geeft, naast de toeslag, evenveel uren verzuim met behoud van loon. Je hebt minimaal 8 uur onafgebroken rust tussen overwerk en dienst (art. 24).
- Werken op een feestdag: toeslag van 100% op het uurloon en de gewerkte uren worden ook in tijd gecompenseerd (art. 25).
- Consignatie: per etmaal 1 uurloon (maandag t/m vrijdag), 1,5 uurloon (zaterdag) of 2 uurlonen (zon- en feestdagen), naar rato bij een deel van een etmaal. Per oproep worden minimaal twee uurlonen vergoed (art. 23).
- Werken in een diepvriesruimte (minimaal 1 uur aaneengesloten): 5% toeslag op het feitelijk loon per gewerkt uur (art. 26).
Overwerktoeslag
| Tijd | Maandag t/m vrijdag | Zaterdag | Zondag |
|---|---|---|---|
| 00.00 - 12.00 uur | Loon + 40% | Loon + 80% | Loon + 100% |
| 12.00 - 24.00 uur | Loon + 40% | Loon + 100% | Loon + 100% |
Reiskostenvergoeding
- € 0,25 per kilometer voor woon-werkverkeer als je 10 kilometer of meer van het bedrijf woont. De vergoeding geldt tot en met 20 kilometer enkele reis (art. 27.1).
- Het bedrag van € 0,25 geldt tijdelijk gedurende de looptijd van de CAO, zolang de fiscale regels dit toelaten. Vanaf 1 oktober 2027 is de vergoeding weer € 0,23 per kilometer (art. 27.1 en bijlage H).
- Een staffel naar afstand of aantal reisdagen kent de CAO niet.
- Is het fiscaal maximaal toegestane bedrag hoger dan de CAO-vergoeding, dan kan het verschil op jouw verzoek fiscaal vriendelijk worden verrekend via de eindejaarsuitkering, voor zover de fiscale regels dat toestaan (art. 27.2).
- Voorbeeld uit bijlage H: bij 35 kilometer enkele reis en 214 werkdagen per jaar is de fiscale ruimte € 0,25 × 70 × 214 = € 3.745 per jaar. De CAO-vergoeding is € 0,25 × 40 × 214 = € 2.140. Het verschil van € 1.605 kan netto uit de bruto eindejaarsuitkering worden betaald, als dat schriftelijk is vastgelegd.
- Extra reizen voor overwerk of consignatie worden vergoed volgens de reiskostenregeling van de werkgever (art. 21.1 en 23.2).
Bijzonder verlof
Buitengewoon verlof met behoud van feitelijk loon staat in artikel 37; zorg- en ouderschapsverlof in artikel 38. Hieronder per gebeurtenis het aantal dagen (art. 37.1).
| Situatie | Verlof |
|---|---|
| Ondertrouw van de werknemer | Het benodigde aantal uren, maximaal 5 |
| Huwelijk van de werknemer (minimaal een week van tevoren gemeld) | 2 dagen |
| Huwelijk van een kind, ouder, broer, zus, zwager, schoonzus of kleinkind | 1 dag |
| Bevalling van de partner (ook wie het kind heeft erkend) | Eenmaal het aantal werkuren per week geboorteverlof en vijfmaal het aantal werkuren per week aanvullend ouderschaps- en geboorteverlof (WIEG) |
| Overlijden van de partner, inwonende eigen of aangetrouwde kinderen en hun partners, en inwonende ouders, schoonouders en grootouders | Van de dag van overlijden t/m de dag van de begrafenis |
| Overlijden van ouders, schoon- en grootouders, schoongrootouders, niet-inwonende eigen of aangetrouwde kinderen of hun partners, pleegkinderen, kleinkinderen en inwonende broers en zusters | 1 dag, plus 1 dag voor het bijwonen van de begrafenis |
| Begrafenis van broers, zusters, zwagers en schoonzusters | 1 dag |
| 25- en 40-jarig huwelijk van de werknemer | 1 dag |
| 25-, 40-, 50-, 60-, 65-, 70- en 75-jarig huwelijk van ouders, schoonouders, grootouders of schoongrootouders | 1 dag |
| Bezoek aan tandarts, huisarts of specialist | Zolang nodig, maximaal 2 uur per consult |
| Verhuizing van de werknemer | 1 dag per jaar |
| Voorbereidingscursus pensionering, op verzoek van een werknemer van 59 jaar of ouder | Eenmalig maximaal 5 dagen extra |
- Het aanvullend geboorteverlof wordt niet door de werkgever doorbetaald; hiervoor geldt de uitkering van het UWV volgens de WIEG. Over dit verlof wordt wel pensioen opgebouwd (art. 37.1).
- Partner is degene met wie duurzaam een gezamenlijke huishouding wordt gevoerd (art. 2.19). Geregistreerde partners worden gelijk behandeld aan gehuwde partners (art. 37.1).
- De werkgever kan om een bewijsstuk vragen. Woon je een plechtigheid niet bij maar moet je er wel voor verzuimen, dan krijg je ook verlof (art. 37.1).
- Voor een wettelijke verplichting of een bezoek aan de huisarts, tandarts of specialist geldt het verlof alleen als dit niet buiten werktijd kan (art. 37.2).
- Valt buitengewoon verlof op een vrije dag in je rooster, dan wordt die dag niet gecompenseerd (art. 37.3). Valt verlof bij bevalling, overlijden of begrafenis samen met een vakantiedag, dan telt die dag niet als vakantiedag (art. 37.4).
- Het wordt aanbevolen een extra vrije dag met behoud van loon te geven na de Ramadan, als je daarom vraagt (art. 37.5).
- Zorgverlof (kort- en langdurend, inclusief mantelzorg) en ouderschapsverlof volgen de wet: de Wet arbeid en zorg (art. 38 en bijlage I).
- Verlof voor vakbondswerk: aanvragen minimaal twee weken van tevoren; per onderneming kunnen maximaal 2 kaderleden maximaal 4 keer per jaar met behoud van loon een vakbondsbijeenkomst over de CAO bijwonen (art. 48).
- Onbetaald verlof: de CAO bevat hiervoor geen aparte regeling.
Doorbetaling bij ziekte
- Ziekmelding op of na 1 juli 2026: 100% van het brutoloon in maand 1 t/m 3, 90% in maand 4 t/m 12 en 85% in maand 13 t/m 24 (art. 42.3).
- Ziekmelding vóór 1 juli 2026: 100% van het brutoloon in maand 1 t/m 6 en 90% in maand 7 t/m 24 (art. 42.2). De wet vraagt minimaal 70% gedurende twee jaar.
- Voor gewerkte uren tijdens ziekte (re-integratie) in de eerste twee jaar krijg je 100% van het brutoloon, ongeacht de indeling van de functie (art. 42.2 en 42.3).
- Stroom je na 24 maanden in de IVA in, dan krijg je alsnog het verschil tussen de ontvangen aanvulling en de aanvulling uit de aanvullingsregeling van de CAO 2025 - 2026 (art. 42.3).
- Wachtdagen: de werkgever mag besluiten dat je voor de eerste ziektedag geen loon krijgt vanaf de derde keer ziek in een kalenderjaar, maximaal drie keer per jaar. Niet bij een ongeluk op het werk, tijdens werktijd (art. 42.1).
- Na twee jaar ziekte: bij minder dan 35% arbeidsongeschiktheid en eigen werk minimaal 80% van het brutoloon. Bij 35% tot 80% en werken in een lagere functie wordt het loon in 18 maanden in stappen verlaagd: het verschil tussen oud en nieuw loon wordt de eerste 6 maanden voor 75% doorbetaald, daarna 50%, dan 25% en vanaf maand 18 niet meer (art. 42.4).
- Werk je in ploegendienst, dan gelden voor de ploegentoeslag de afbouwregels van artikel 22.2 (art. 42.4).
- Het loon kan eerder worden verlaagd als je tijdens ziekte eerder in een lagere functie gaat werken, op advies van een gecertificeerd arbeidsdeskundige. De afbouwregels gelden ook als je na 3 jaar ploegendienst niet meer in ploegen mag werken of medisch advies krijgt voor een lagere functie (art. 42.5 en 42.6).
- Handelsreizigers: het loon tijdens ziekte wordt berekend over het loon plus de verkoopvergoedingen van het laatste jaar (art. 42.7).
- Heb je de afgelopen drie maanden diepvriestoeslag ontvangen, dan wordt het gemiddelde daarvan tijdens ziekte als structurele toeslag doorbetaald (art. 26).
- Bij misbruik of misleiding vervalt het recht op loondoorbetaling (art. 42.8).
- WGA-hiaatverzekering: voor je wordt een WGA-hiaatverzekering afgesloten (bij 35 tot 80% arbeidsongeschiktheid). De premie is 50% voor jou en 50% voor de werkgever, onder de voorwaarde dat de verzekering minimaal 10% dekking van je laatste salaris biedt. Partijen bekijken dit artikel opnieuw en streven naar een voorstel uiterlijk 1 januari 2027 (art. 43 en protocolafspraken).
- Partijen evalueren de gewijzigde aanvullingsregeling van artikel 42.3 na vier jaar (protocolafspraken).
Dertiende maand / eindejaarsuitkering
- De CAO kent geen dertiende maand, wel een eindejaarsuitkering van 3% van het inkomen dat je in de afgelopen 12 maanden bij je werkgever hebt verdiend (art. 29.1).
- Voorwaarde: minimaal 2 maanden in dienst. Onder inkomen valt het brutoloon exclusief vakantietoeslag en deze uitkering. De uitbetaling vindt plaats tussen 1 november en 31 december, in overleg met de ondernemingsraad (art. 29.1).
- Resultaatafhankelijke uitkering: de werkgever kan kiezen voor een resultaatafhankelijke beloning van 1% tot 5% in plaats van de vaste 3%. Hiervoor is instemming van de ondernemingsraad nodig en moet uit een peiling blijken dat 70% van de werknemers voor is. De regeling wordt gemeld aan het bestuur van het Sociaal Fonds (art. 29.2).
- Bij einde dienstverband krijg je een evenredig deel. Bij ontslag om een dringende reden (art. 7:678 BW) krijg je de uitkering niet (art. 29.3).
- Bestaat in de onderneming al een eigen uitkeringsregeling, dan wordt de uitkering daarmee verrekend of geacht daarin begrepen te zijn (art. 29.4).
- Overlijdensuitkering: bij overlijden van een werknemer betaalt de werkgever binnen twee maanden twee keer het bruto loon plus het loon dat hij de rest van de maand zou hebben ontvangen (art. 30).
Thuiswerkvergoeding
- De CAO bevat geen regeling voor een thuiswerkvergoeding.
- Afspraken over thuiswerken en een eventuele vergoeding worden op bedrijfsniveau gemaakt.
Pensioenfonds
- Pensioenfonds VLEP (Stichting Bedrijfstakpensioenfonds voor Vlees, Vleeswaren, Gemaksvoeding en Pluimveevlees): in de sector geldt een verplicht bedrijfspensioen en prepensioen. Werkgever en werknemer leven de statuten en reglementen van het fonds na (art. 40.1).
- De CAO noemt geen premiepercentage of premieverdeling tussen werkgever en werknemer.
- Tijdens ouderschaps- of zorgverlof volgens de Wet arbeid en zorg wordt de (pre)pensioenregeling voortgezet op de bestaande premieverdeling. Over aanvullend ouderschaps- en geboorteverlof wordt pensioen opgebouwd, zie het Pensioenreglement VLEP (art. 40.2).
- Generatiepact: bij alle drie de varianten blijft de pensioenopbouw 100% (art. 36.2).
- Zwaar werk regeling (RVU): wie in aanmerking komt, kan tot maximaal drie jaar vóór de AOW-leeftijd uittreden. De werkgever stelt op verzoek een bedrag beschikbaar tot maximaal het van RVU-heffing vrijgestelde bedrag. Voor uittreding van 1 oktober 2026 t/m 30 september 2027 geldt een functie die voldoet aan de voorwaarden van een zwaar beroep volgens bijlage L, en 10 jaar bij dezelfde werkgever (art. 45 en bijlagen K en L).
Opzegtermijn
Opzegging door de werkgever
| Duur dienstverband | Opzegtermijn |
|---|---|
| Korter dan 5 jaar | 1 loonperiode (4 weken of maand) |
| 5 tot 10 jaar | 2 loonperioden |
| 10 tot 15 jaar | 3 loonperioden |
| 15 jaar of langer | 4 loonperioden |
Opzegging door de werknemer
De opzegtermijn is één maand. Voor langdurige dienstverbanden geldt, afhankelijk van je leeftijd, een termijn van 5 of 6 weken (art. 7.2). Het aantal dienstjaren telt vanaf je 18e.
| Leeftijd op de dag van opzegging | 1 t/m 9 dienstjaren | 10 dienstjaren | 11 dienstjaren | 12 of meer dienstjaren |
|---|---|---|---|---|
| 19 t/m 30 jaar | één maand | |||
| 31 jaar | één maand | 5 weken | ||
| 32 jaar | één maand | 5 weken | 5 weken | |
| 33 jaar of ouder | één maand | 5 weken | 5 weken | 6 weken |
- De opzegtermijn moet schriftelijk worden ingediend. Valt het einde van de termijn niet op het einde van de betaalperiode, dan loopt de termijn door tot en met de laatste dag van die periode. Een werkgever die al met opzegtermijnen in loonperioden werkt, mag afwijken van kalendermaanden (art. 7.1 en 7.2).
- Geen opzegtermijn: tijdens de proeftijd, bij wederzijds goedvinden, bij overlijden van de werknemer, bij pensionering op de AOW-leeftijd (tenzij anders overeengekomen) en bij ontslag om een dringende reden (art. 7.3).
- Proeftijd: maximaal 1 maand bij een contract van meer dan zes maanden maar korter dan 2 jaar, maximaal 2 maanden bij een contract van langer dan 2 jaar. Tijdens de proeftijd kunnen beide partijen per onmiddellijk opzeggen (art. 5).
- Een contract voor bepaalde tijd eindigt automatisch. De werkgever moet uiterlijk een maand van tevoren schriftelijk melden of hij het contract wil voortzetten (aanzegtermijn, art. 6.1).
Werkingssfeer
De CAO geldt voor ondernemingen waarvan 5% of meer van de omzet komt uit het fabrieksmatig produceren (inclusief bereiden en samenstellen) van gemaksvoeding en/of uit het als groothandel verhandelen van gemaksvoeding, voor zover die niet in hoofdzaak rechtstreeks aan consumenten wordt verkocht (art. 1.1).
Valt eronder
- Gemaksvoeding: etenswaren die zijn geproduceerd om het gemak van bereiding of consumptie te vergroten, die gekoeld (houdbaarheid korter dan 21 dagen, ultravers korter dan 8 dagen) of bevroren bewaard moeten worden en klaar zijn om te eten of na verhitten of frituren te consumeren, of die worden verkocht voor verdere verwerking (art. 1.2).
- Snackwaren zoals kroketten, bitterballen, bamiballen, nasiballen, loempia's, kaassoufflés en uienringen.
- Brood- en deegproducten zoals belegde broodjes, tosti's, saucijzenbroodjes, bapao's en empanada's; pasteitjes, quiches en pizza's.
- Toebereide salades, spreads en dips (huzarensalade, hummus), maaltijdsalades, sushi en poké bowls, bewerkte en gevulde wraps.
- Soepen en vloeibare (maaltijd)sauzen; voorgegaarde producten zoals frikadellen, gehaktballen, hamburgers en saté.
- Kant-en-klare maaltijden en maaltijdcomponenten zoals mie, bami goreng, lasagne, spaghetti en nasi goreng.
- Groothandel in gemaksvoeding. Fabrieksmatig is ook handmatig of deels handmatig werk in een productielijn (art. 1.1).
Valt er niet onder
- Producten die niet als gemaksvoeding gelden: frites en aardappelschotels, diepvriespizza's, soepen en sauzen die niet gekoeld of bevroren bewaard hoeven te worden, en pannenkoeken (art. 1.2).
- Ondernemingen waarop de werkingssfeer van een andere bedrijfstak-CAO van toepassing is en die minder dan 50% van hun omzet halen uit gemaksvoeding (art. 1.2.1).
- Ondernemingen die actief zijn in het Bakkersbedrijf, de Groothandel in levensmiddelen, Horeca en Catering, Slagerijen of Zoetwaren op basis van de betreffende CAO, of verplicht zijn aangesloten bij (of vrijgesteld zijn van) het bijbehorende bedrijfstakpensioenfonds (art. 1.2.1).
- Vakantiewerkers (alleen de loonschalen uit artikel 15 gelden wel), stagiaires (alleen de stagevergoeding uit artikel 16.2 geldt wel) en werknemers met een functie die niet in te delen is in de referentiefuncties van bijlage A (art. 1.4).
Meerdere activiteiten of twijfel
- De uitsluiting voor ondernemingen met een andere bedrijfstak-CAO geldt alleen als minder dan 50% van de omzet uit fabrieksmatige productie of groothandel in gemaksvoeding komt (art. 1.2.1).
- Bij een geschil over de werkingssfeer proberen werkgever en werknemer er eerst zelf uit te komen. Lukt dat niet, dan kunnen zij het gezamenlijk voorleggen aan de Vaste Commissie voor de Gemaksvoedingindustrie. Haar uitspraak is een bindend advies; de gang naar de burgerlijke rechter blijft open (art. 54.2).
Bron: CAO-tekst CAO gemaksvoedingsindustrie, looptijd 1 juli 2026 t/m 30 september 2027 (artikelen 1, 3, 5 t/m 7, 10, 13, 15 t/m 18, 21 t/m 30, 32 t/m 34, 36, 37, 40, 42, 43, 45, 48 en bijlagen B, H en K).
Salaristabel CAO gemaksvoedingsindustrie 2026 - 2027
De loonschalen A t/m H horen bij de functiegroepen uit het ORBA functiehandboek: A (0 - 39,5 punten), B (40 - 54,5), C (55 - 69,5), D (70 - 89,5), E (90 - 109,5), F (110 - 129,5), G (130 - 149,5) en H (150 - 174,5). Het functiejaar is het aantal dienstjaren in de schaal. Alle bedragen zijn bruto. De loonschaal voor BBL'ers en vakantiewerkers, de loonschaal voor doelgroepmedewerkers en de aanloopschaal zijn gekoppeld aan het wettelijk minimumloon en wijzigen als dit wijzigt; zie het huidige wettelijk minimumloon.
Per maand vanaf 1 juli 2026
Bruto maandloon per 1 juli 2026 (+ 3%)
| Functiejaar | A | B | C | D | E | F | G | H |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 0 | 2.702,34 | 2.813,60 | 2.876,05 | 2.955,66 | 3.067,74 | 3.205,47 | 3.374,93 | 3.587,97 |
| 1 | 2.737,41 | 2.852,08 | 2.917,11 | 2.999,25 | 3.114,79 | 3.256,83 | 3.431,39 | 3.651,33 |
| 2 | 2.772,51 | 2.888,86 | 2.957,33 | 3.042,90 | 3.160,95 | 3.307,32 | 3.487,86 | 3.715,48 |
| 3 | 2.807,55 | 2.927,36 | 2.997,56 | 3.085,67 | 3.208,04 | 3.359,51 | 3.545,22 | 3.778,80 |
| 4 | 2.841,84 | 2.965,04 | 3.038,63 | 3.129,36 | 3.254,30 | 3.410,02 | 3.601,71 | 3.842,13 |
| 5 | 2.877,76 | 3.003,58 | 3.078,85 | 3.172,96 | 3.301,34 | 3.461,36 | 3.658,18 | 3.905,48 |
| 6 | 2.912,01 | 3.040,36 | 3.119,94 | 3.216,62 | 3.347,54 | 3.512,69 | 3.715,48 | 3.969,64 |
| 7 | 2.947,91 | 3.078,85 | 3.160,15 | 3.259,38 | 3.394,65 | 3.564,02 | 3.772,84 | 4.032,11 |
| 8 | 2.982,99 | 3.116,50 | 3.201,22 | 3.303,06 | 3.441,64 | 3.614,50 | 3.828,47 | 4.095,43 |
Bruto uurloon per 1 juli 2026
| Functiejaar | A | B | C | D | E | F | G | H |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 0 | 15,54 | 16,18 | 16,54 | 16,99 | 17,64 | 18,43 | 19,41 | 20,63 |
| 1 | 15,74 | 16,40 | 16,77 | 17,25 | 17,91 | 18,73 | 19,73 | 20,99 |
| 2 | 15,94 | 16,61 | 17,00 | 17,50 | 18,18 | 19,02 | 20,05 | 21,36 |
| 3 | 16,14 | 16,83 | 17,24 | 17,74 | 18,45 | 19,32 | 20,38 | 21,73 |
| 4 | 16,34 | 17,05 | 17,47 | 17,99 | 18,71 | 19,61 | 20,71 | 22,09 |
| 5 | 16,55 | 17,27 | 17,70 | 18,24 | 18,98 | 19,90 | 21,03 | 22,46 |
| 6 | 16,74 | 17,48 | 17,94 | 18,50 | 19,25 | 20,20 | 21,36 | 22,82 |
| 7 | 16,95 | 17,70 | 18,17 | 18,74 | 19,52 | 20,49 | 21,69 | 23,18 |
| 8 | 17,15 | 17,92 | 18,41 | 18,99 | 19,79 | 20,78 | 22,01 | 23,55 |
Omrekening uurloon: (maandloon / 2087) × 12 (bijlage B).
Per 4 weken vanaf 1 juli 2026
Bruto loon per 4 weken per 1 juli 2026 (+ 3%)
| Functiejaar | A | B | C | D | E | F | G | H |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 0 | 2.485,86 | 2.588,21 | 2.645,66 | 2.718,89 | 2.821,99 | 2.948,69 | 3.104,57 | 3.300,55 |
| 1 | 2.518,12 | 2.623,61 | 2.683,43 | 2.758,99 | 2.865,27 | 2.995,93 | 3.156,51 | 3.358,83 |
| 2 | 2.550,41 | 2.657,44 | 2.720,43 | 2.799,14 | 2.907,73 | 3.042,38 | 3.208,46 | 3.417,84 |
| 3 | 2.582,64 | 2.692,86 | 2.757,43 | 2.838,49 | 2.951,05 | 3.090,39 | 3.261,22 | 3.476,09 |
| 4 | 2.614,19 | 2.727,52 | 2.795,21 | 2.878,68 | 2.993,61 | 3.136,85 | 3.313,19 | 3.534,35 |
| 5 | 2.647,23 | 2.762,97 | 2.832,21 | 2.918,78 | 3.036,88 | 3.184,08 | 3.365,13 | 3.592,62 |
| 6 | 2.678,74 | 2.796,80 | 2.870,01 | 2.958,95 | 3.079,38 | 3.231,30 | 3.417,84 | 3.651,64 |
| 7 | 2.711,76 | 2.832,21 | 2.907,00 | 2.998,28 | 3.122,71 | 3.278,52 | 3.470,61 | 3.709,11 |
| 8 | 2.744,03 | 2.866,85 | 2.944,78 | 3.038,46 | 3.165,94 | 3.324,95 | 3.521,78 | 3.767,36 |
Bruto weekloon per 1 juli 2026
| Functiejaar | A | B | C | D | E | F | G | H |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 0 | 621,47 | 647,05 | 661,41 | 679,72 | 705,50 | 737,17 | 776,14 | 825,14 |
| 1 | 629,53 | 655,90 | 670,86 | 689,75 | 716,32 | 748,98 | 789,13 | 839,71 |
| 2 | 637,60 | 664,36 | 680,11 | 699,79 | 726,93 | 760,59 | 802,11 | 854,46 |
| 3 | 645,66 | 673,21 | 689,36 | 709,62 | 737,76 | 772,60 | 815,31 | 869,02 |
| 4 | 653,55 | 681,88 | 698,80 | 719,67 | 748,40 | 784,21 | 828,30 | 883,59 |
| 5 | 661,81 | 690,74 | 708,05 | 729,70 | 759,22 | 796,02 | 841,28 | 898,16 |
| 6 | 669,68 | 699,20 | 717,50 | 739,74 | 769,84 | 807,82 | 854,46 | 912,91 |
| 7 | 677,94 | 708,05 | 726,75 | 749,57 | 780,68 | 819,63 | 867,65 | 927,28 |
| 8 | 686,01 | 716,71 | 736,19 | 759,62 | 791,48 | 831,24 | 880,45 | 941,84 |
Omrekening: 4-wekenloon = (maandloon × 12) / 13,045; weekloon = (maandloon × 3) / 13,045. Bij de 4-wekenlonen is geen rekening gehouden met schrikkeljaren; in jaren met 53 weken betaalt een werkgever die per 4 weken uitbetaalt een extra periode van een week (bijlage B).
Per maand vanaf 1 april 2027
Bruto maandloon per 1 april 2027 (+ 1%)
| Functiejaar | A | B | C | D | E | F | G | H |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 0 | 2.729,36 | 2.841,74 | 2.904,81 | 2.985,22 | 3.098,42 | 3.237,52 | 3.408,68 | 3.623,85 |
| 1 | 2.764,78 | 2.880,60 | 2.946,28 | 3.029,24 | 3.145,94 | 3.289,40 | 3.465,70 | 3.687,84 |
| 2 | 2.800,24 | 2.917,75 | 2.986,90 | 3.073,33 | 3.192,56 | 3.340,39 | 3.522,74 | 3.752,63 |
| 3 | 2.835,63 | 2.956,63 | 3.027,54 | 3.116,53 | 3.240,12 | 3.393,11 | 3.580,67 | 3.816,59 |
| 4 | 2.870,26 | 2.994,69 | 3.069,02 | 3.160,65 | 3.286,84 | 3.444,12 | 3.637,73 | 3.880,55 |
| 5 | 2.906,54 | 3.033,62 | 3.109,64 | 3.204,69 | 3.334,35 | 3.495,97 | 3.694,76 | 3.944,53 |
| 6 | 2.941,13 | 3.070,76 | 3.151,14 | 3.248,79 | 3.381,02 | 3.547,82 | 3.752,63 | 4.009,34 |
| 7 | 2.977,39 | 3.109,64 | 3.191,75 | 3.291,97 | 3.428,60 | 3.599,66 | 3.810,57 | 4.072,43 |
| 8 | 3.012,82 | 3.147,67 | 3.233,23 | 3.336,09 | 3.476,06 | 3.650,65 | 3.866,75 | 4.136,38 |
Bruto uurloon per 1 april 2027
| Functiejaar | A | B | C | D | E | F | G | H |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 0 | 15,69 | 16,34 | 16,70 | 17,16 | 17,82 | 18,62 | 19,60 | 20,84 |
| 1 | 15,90 | 16,56 | 16,94 | 17,42 | 18,09 | 18,91 | 19,93 | 21,20 |
| 2 | 16,10 | 16,78 | 17,17 | 17,67 | 18,36 | 19,21 | 20,26 | 21,58 |
| 3 | 16,30 | 17,00 | 17,41 | 17,92 | 18,63 | 19,51 | 20,59 | 21,94 |
| 4 | 16,50 | 17,22 | 17,65 | 18,17 | 18,90 | 19,80 | 20,92 | 22,31 |
| 5 | 16,71 | 17,44 | 17,88 | 18,43 | 19,17 | 20,10 | 21,24 | 22,68 |
| 6 | 16,91 | 17,66 | 18,12 | 18,68 | 19,44 | 20,40 | 21,58 | 23,05 |
| 7 | 17,12 | 17,88 | 18,35 | 18,93 | 19,71 | 20,70 | 21,91 | 23,42 |
| 8 | 17,32 | 18,10 | 18,59 | 19,18 | 19,99 | 20,99 | 22,23 | 23,78 |
Per 4 weken vanaf 1 april 2027
Bruto loon per 4 weken per 1 april 2027 (+ 1%)
| Functiejaar | A | B | C | D | E | F | G | H |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 0 | 2.510,72 | 2.614,10 | 2.672,11 | 2.746,08 | 2.850,21 | 2.978,17 | 3.135,62 | 3.333,55 |
| 1 | 2.543,30 | 2.649,84 | 2.710,26 | 2.786,58 | 2.893,93 | 3.025,89 | 3.188,07 | 3.392,42 |
| 2 | 2.575,92 | 2.684,02 | 2.747,63 | 2.827,13 | 2.936,81 | 3.072,80 | 3.240,54 | 3.452,02 |
| 3 | 2.608,48 | 2.719,78 | 2.785,01 | 2.866,87 | 2.980,56 | 3.121,30 | 3.293,83 | 3.510,85 |
| 4 | 2.640,33 | 2.754,79 | 2.823,17 | 2.907,46 | 3.023,54 | 3.168,22 | 3.346,32 | 3.569,69 |
| 5 | 2.673,70 | 2.790,60 | 2.860,54 | 2.947,97 | 3.067,24 | 3.215,92 | 3.398,78 | 3.628,54 |
| 6 | 2.705,52 | 2.824,77 | 2.898,71 | 2.988,54 | 3.110,18 | 3.263,61 | 3.452,02 | 3.688,16 |
| 7 | 2.738,88 | 2.860,54 | 2.936,07 | 3.028,26 | 3.153,94 | 3.311,30 | 3.505,32 | 3.746,20 |
| 8 | 2.771,47 | 2.895,52 | 2.974,22 | 3.068,84 | 3.197,60 | 3.358,21 | 3.557,00 | 3.805,03 |
Bruto weekloon per 1 april 2027
| Functiejaar | A | B | C | D | E | F | G | H |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 0 | 627,68 | 653,52 | 668,03 | 686,52 | 712,55 | 744,54 | 783,90 | 833,39 |
| 1 | 635,83 | 662,46 | 677,57 | 696,64 | 723,48 | 756,47 | 797,02 | 848,10 |
| 2 | 643,98 | 671,00 | 686,91 | 706,78 | 734,20 | 768,20 | 810,14 | 863,00 |
| 3 | 652,12 | 679,95 | 696,25 | 716,72 | 745,14 | 780,32 | 823,46 | 877,71 |
| 4 | 660,08 | 688,70 | 705,79 | 726,86 | 755,89 | 792,06 | 836,58 | 892,42 |
| 5 | 668,43 | 697,65 | 715,13 | 736,99 | 766,81 | 803,98 | 849,70 | 907,14 |
| 6 | 676,38 | 706,19 | 724,68 | 747,13 | 777,54 | 815,90 | 863,00 | 922,04 |
| 7 | 684,72 | 715,13 | 734,02 | 757,06 | 788,49 | 827,83 | 876,33 | 936,55 |
| 8 | 692,87 | 723,88 | 743,56 | 767,21 | 799,40 | 839,55 | 889,25 | 951,26 |
Aanloopschaal
Nieuwe werknemers en uitzendkrachten in functiegroep A kunnen maximaal 9 maanden in de aanloopschaal worden ingedeeld: 92% van het loon bij A0, maar minimaal het wettelijk minimumloon (art. 15.6 en bijlage B).
| Aanloopschaal A (eerste 9 maanden) | Maand | 4 weken | Week | Uur |
|---|---|---|---|---|
| Per 1 juli 2026 (+ 3%) | 2.486,15 | 2.286,99 | 571,75 | 14,30 |
| Per 1 april 2027 (+ 1%) | 2.511,01 | 2.309,86 | 577,47 | 14,43 |
Leerlingen BBL en vakantiewerkers
Deze loonschaal geldt als je 19 jaar of jonger bent en een BBL-opleiding volgt of maximaal 3 aaneengesloten maanden vakantiewerk verricht. De schaal is afgeleid van het wettelijk minimumjeugdloon: A is 130%, B 135%, C 142%, D 150%, E 160%, F 170%, G 180% en H 190% daarvan. Je krijgt een hoger loon vanaf het begin van de maand waarin je jarig bent, en bij een relevant diploma het loon bij je functie met 0 functiejaren (bijlage B).
Bruto maandloon per 1 juli 2026
| Leeftijd | A | B | C | D | E | F | G | H |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 16 | 1.168,89 | 1.213,85 | 1.276,79 | 1.348,72 | 1.438,64 | 1.528,55 | 1.618,47 | 1.708,38 |
| 17 | 1.338,46 | 1.389,94 | 1.462,01 | 1.544,38 | 1.647,34 | 1.750,30 | 1.853,26 | 1.956,21 |
| 18 | 1.695,69 | 1.760,91 | 1.852,21 | 1.956,56 | 2.087,00 | 2.217,44 | 2.347,88 | 2.478,31 |
| 19 | 2.032,56 | 2.110,74 | 2.220,19 | 2.345,27 | 2.501,62 | 2.657,97 | 2.814,32 | 2.970,67 |
Bruto loon per 4 weken per 1 juli 2026
| Leeftijd | A | B | C | D | E | F | G | H |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 16 | 1.075,36 | 1.116,72 | 1.174,62 | 1.240,80 | 1.323,52 | 1.406,24 | 1.488,96 | 1.571,68 |
| 17 | 1.231,36 | 1.278,72 | 1.345,02 | 1.420,80 | 1.515,52 | 1.610,24 | 1.704,96 | 1.799,68 |
| 18 | 1.560,00 | 1.620,00 | 1.704,00 | 1.800,00 | 1.920,00 | 2.040,00 | 2.160,00 | 2.280,00 |
| 19 | 1.869,92 | 1.941,84 | 2.042,53 | 2.157,60 | 2.301,44 | 2.445,28 | 2.589,12 | 2.732,96 |
Bruto uurloon per 1 juli 2026
| Leeftijd | A | B | C | D | E | F | G | H |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 16 | 6,72 | 6,98 | 7,34 | 7,76 | 8,27 | 8,79 | 9,31 | 9,82 |
| 17 | 7,70 | 7,99 | 8,41 | 8,88 | 9,47 | 10,06 | 10,66 | 11,25 |
| 18 | 9,75 | 10,13 | 10,65 | 11,25 | 12,00 | 12,75 | 13,50 | 14,25 |
| 19 | 11,69 | 12,14 | 12,77 | 13,49 | 14,38 | 15,28 | 16,18 | 17,08 |
Participatiewet
Doelgroepmedewerkers uit het doelgroepregister van UWV beginnen op het wettelijk minimumloon en groeien in stappen van 4% naar maximaal 120%. De periodieke verhoging hangt af van een beoordeling volgens bijlage J (art. 15.7 en bijlage B).
| Groeistap | % minimumloon | Maand | 4 weken | Week | Uur |
|---|---|---|---|---|---|
| 0 | 100% | 2.607,01 | 2.398,40 | 599,60 | 14,99 |
| 1 | 104% | 2.711,29 | 2.494,33 | 623,58 | 15,59 |
| 2 | 108% | 2.815,57 | 2.590,27 | 647,57 | 16,19 |
| 3 | 112% | 2.919,85 | 2.686,21 | 671,55 | 16,79 |
| 4 | 116% | 3.024,13 | 2.782,14 | 695,54 | 17,39 |
| 5 | 120% | 3.128,41 | 2.878,08 | 719,52 | 17,99 |
Loontabel doelgroepmedewerkers per 1 juli 2026.
Bron: CAO-tekst CAO gemaksvoedingsindustrie, looptijd 1 juli 2026 t/m 30 september 2027 (bijlage B).
Naar de pagina van de CAO gemaksvoedingsindustrie
Deze samenvatting en salaristabel zijn met zorg samengesteld op basis van de officiële CAO-tekst. Raadpleeg bij twijfel, of voordat u deze informatie toepast op een individuele situatie, altijd het volledige CAO-boekje. Aan deze pagina kunnen geen rechten worden ontleend; bij verschillen tussen deze samenvatting en de CAO-tekst is de CAO-tekst te allen tijde leidend. Ondanks de zorgvuldigheid waarmee deze informatie is overgenomen, kunnen type- of overnamefouten niet volledig worden uitgesloten.
