Terug naar hoofdinhoud

Samenvatting CAO openbare bibliotheken 2026 - 2028

De CAO openbare bibliotheken 2026 - 2028 loopt van 1 april 2026 t/m 31 maart 2028 en geldt voor medewerkers van lokale bibliotheken en provinciale ondersteuningsinstellingen. De salarissen stijgen met 3,2% per 1 augustus 2026, met € 100 bruto per maand per 1 april 2027 (bij invoering van een nieuw salarisgebouw) en met 1% per 1 januari 2028. Er is geen eenmalige uitkering, maar u ontvangt wel elk jaar in december een eindejaarsuitkering van 5%. Verderop vindt u onder meer de vakantiedagen, de regeling voor pluswerk, de reiskostenvergoeding, de doorbetaling bij ziekte, het pensioen en de volledige salaristabellen.

Laatst gecontroleerd op 2 oktober 2026. Bron: CAO-tekst CAO openbare bibliotheken, looptijd 1 april 2026 t/m 31 maart 2028 (artikelen hoofdstuk 18 art. 1 en hoofdstuk 3 art. 7).

 

Stamgegevens

Kerncijfers CAO openbare bibliotheken 2026 - 2028

Looptijd 1 april 2026 t/m 31 maart 2028 (art. 1 hfst. 18). De CAO eindigt niet vanzelf: wordt zij niet uiterlijk 2 maanden vóór de einddatum schriftelijk opgezegd, dan loopt zij telkens stilzwijgend 1 jaar door.
CAO-partijen Vereniging van Openbare Bibliotheken (VOB), FNV (FNV Media & Cultuur) en CNV.
Loonsverhoging 3,2% per 1 augustus 2026; € 100 bruto per maand per 1 april 2027, bij invoering van het nieuwe salarisgebouw; 1% per 1 januari 2028 (art. 7 hfst. 3). Geen eenmalige uitkering.
Vakantiedagen 180 uur per jaar bij een voltijddienstverband: 144 wettelijke en 36 bovenwettelijke uren (art. 1 hfst. 8). Bij een werkweek van 36 uur is dat 25 dagen van 7,2 uur.
Vakantietoeslag 8% van het salaris, eenmaal per jaar uitbetaald, uiterlijk in mei, over de periode juni t/m mei (art. 1 hfst. 4).
Overwerkvergoeding In deze CAO heet overwerk pluswerk (art. 3 hfst. 4): per plusuur 100% van het uursalaris (uitbetaald of in vrije tijd) plus een plusuurtoeslag van 35%, op zon- en feestdagen 70%. Alleen voor schalen 1 t/m 10. Onregelmatigheidstoeslag op zon- en feestdagen: 25% (art. 2 hfst. 4).
Reiskostenvergoeding Woon-werkverkeer € 0,23 bruto per km, niet voor de eerste 5 km enkele reis en voor maximaal 50 km enkele reis (art. 3 hfst. 5). Dienstreizen € 0,28 bruto per km (art. 2 hfst. 5). Openbaar vervoer wordt tegen het laagste tarief vergoed (art. 1 hfst. 5).
Bijzonder verlof De werkgever bepaalt met instemming van de ondernemingsraad (OR) of personeelsvertegenwoordiging (pvt) voor welke gebeurtenissen en hoelang u bijzonder betaald verlof krijgt; de CAO noemt geen vaste aantallen dagen (art. 8 hfst. 8). Vakbondsverlof: tot 15 dagen per jaar voor vergaderingen en tot 26 dagen voor bestuurswerk (art. 1 hfst. 10).
Thuiswerkvergoeding Alleen als de werkgever u verplicht thuis te werken: € 2,45 netto per thuiswerkdag in 2026 (maximaal € 3,00 bruto), gelijk aan de maximale fiscale vrijstelling (art. 5 hfst. 2).
Doorbetaling bij ziekte 104 weken, aflopend: 100% in de eerste 6 maanden, 90% in de tweede 6 maanden, 80% in de derde 6 maanden en 70% in de vierde 6 maanden (art. 2 hfst. 9).
Dertiende maand / eindejaarsuitkering Eindejaarsuitkering van 5% in december, over het verdiende salaris plus de opgebouwde vakantietoeslag (art. 8 hfst. 3).
Pensioenfonds Pensioenfonds Openbare Bibliotheken (POB). De totale premie is in 2026 32,49% van de pensioengrondslag, verdeeld in ¾ werkgever en ¼ werknemer (art. 4 hfst. 17).
Opzegtermijn werkgever 2 maanden, langer als de wet dat voorschrijft; schriftelijk en met opgave van de reden (art. 1 hfst. 17).
Opzegtermijn werknemer 2 maanden, langer als de wet dat voorschrijft (art. 1 hfst. 17).

Bron: CAO-tekst CAO openbare bibliotheken, looptijd 1 april 2026 t/m 31 maart 2028 (hoofdstuk 18 art. 1; hoofdstuk 3 art. 7 en 8; hoofdstuk 8 art. 1 en 8; hoofdstuk 4 art. 2 en 3; hoofdstuk 5 art. 1 t/m 3 en 5; hoofdstuk 9 art. 2; hoofdstuk 2 art. 5; hoofdstuk 17 art. 1 en 4).

 

Salaristabel CAO openbare bibliotheken 2026 - 2028

De bedragen zijn bruto maandsalarissen op basis van een voltijddienstverband van 36 uur per week (bijlage B). Er zijn 14 salarisschalen. Tot en met 31 maart 2027 hebben die schalen treden; vanaf 1 april 2027 geldt een nieuw salarisgebouw, waarin elke schaal een minimum, een maximum en een normperiodiek heeft. De tabel per 1 augustus 2026 bevat de verhoging van 3,2% en de tabel per 1 januari 2028 de verhoging van 1%. De CAO bevat geen salaristabel per 4 weken.

De laagste bedragen zijn gekoppeld aan het wettelijk minimumloon. De werkgever is met ingang van 1 juli 2026 verplicht werknemers per uur minimaal het per die datum geldende wettelijk minimumloon te betalen, en bij een wijziging van het minimumloon wordt zo nodig het minimum van de laagste schalen aangepast (art. 7 lid 4 hfst. 3). Raadpleeg daarom ook het huidige wettelijk minimumloon. Hebt u een dienstverband en behoort u tot de doelgroep voor loonkostensubsidie op grond van de Participatiewet, zodat u met een voltijddienstverband niet het wettelijk minimumloon kunt verdienen, dan geldt het salaris van schaal 1 (art. 2 lid 5 hfst. 3). Scholieren en studenten met een bijbaan krijgen het wettelijk minimum(jeugd)loon (art. 6 hfst. 3).

Per maand vanaf 1 april 2026

Salarisschalen 1 t/m 7

TredeSchaal 1Schaal 2Schaal 3Schaal 4Schaal 5Schaal 6Schaal 7
Trede 0 2.295 2.298 2.305 2.310 2.320 2.526 2.841
Trede 1 2.302 2.305 2.320 2.337 2.389 2.685 3.002
Trede 2 2.310 2.320 2.389 2.456 2.526 2.841 3.159
Trede 3 2.320 2.389 2.526 2.607 2.685 2.924 3.235
Trede 4 2.337 2.456 2.607 2.685 2.763 3.002 3.315
Trede 5 2.389 2.526 2.685 2.763 2.841 3.076 3.394
Trede 6 2.456 2.607 2.763 2.841 2.924 3.159 3.470
Trede 7 2.526 2.685 2.841 2.924 3.002 3.235 3.551
Trede 8     2.924 3.002 3.076 3.315 3.638
Trede 9       3.076 3.159 3.394 3.722
Trede 10         3.235    

Salarisschalen 8 t/m 14

TredeSchaal 8Schaal 9Schaal 10Schaal 11Schaal 12Schaal 13Schaal 14
Trede 0 3.315 3.797 4.126 4.851 5.934 6.446 6.783
Trede 1 3.470 3.968 4.338 5.037 6.114 6.620 6.953
Trede 2 3.638 4.126 4.495 5.239 6.280 6.783 7.165
Trede 3 3.722 4.338 4.678 5.401 6.446 6.953 7.387
Trede 4 3.797 4.495 4.851 5.580 6.620 7.165 7.597
Trede 5 3.884 4.678 5.037 5.759 6.783 7.387 7.805
Trede 6 3.968 4.851 5.239 5.934 6.953 7.597 8.049
Trede 7 4.050   5.401 6.114 7.165 7.805 8.257
Trede 8 4.126     6.280     8.481
Trede 9 4.210            
Extra trede 1             8.724
Extra trede 2             8.967

Bron: CAO-tekst CAO openbare bibliotheken, looptijd 1 april 2026 t/m 31 maart 2028 (bijlage B; hoofdstuk 3 art. 2, 2A, 4, 5 en 7).

 

 

Naar de pagina van de CAO openbare bibliotheken

 

Deze samenvatting en salaristabel zijn met zorg samengesteld op basis van de officiële CAO-tekst. Raadpleeg bij twijfel, of voordat u deze informatie toepast op een individuele situatie, altijd het volledige CAO-boekje. Aan deze pagina kunnen geen rechten worden ontleend; bij verschillen tussen deze samenvatting en de CAO-tekst is de CAO-tekst te allen tijde leidend. Ondanks de zorgvuldigheid waarmee deze informatie is overgenomen, kunnen type- of overnamefouten niet volledig worden uitgesloten.

samenvatting